Door: Esther Vlasveld
Leestijd 5 minuten

Little C: oplossing voor leefbare binnensteden? Linde en Esther zochten het uit

Esther Vlasveld en Linde Horree kregen een rondleiding in de wijk Little C, een nieuwe wijk in Rotterdam gelegen aan de Coolhaven. Een plek die ooit tippelzone was, werd van vierbaansweg getransformeerd tot een nieuw stukje stad. Vooraf speelden er bij ons een aantal vragen zoals: Hoe wordt de leefbaarheid ervaren? Hoe werden de bewoners betrokken bij de ontwikkelingen en welke invloed heeft het moment van bouw gehad op het proces en het eindresultaat?

In de prijzen

Little C is een veel geprezen project. Zo heeft het diverse prijzen gewonnen, waaronder de Job Dura prijs 2020 en de Rotterdam Architectuurprijs van 2021. Het project wordt geroemd om zijn architectuur en speelt in op het verbeteren van de leefbaarheid van nu en de toekomst. Het project laat zien dat het mogelijk is om op een kleinschalige en betaalbare manier te bouwen, met oog voor gemeenschappelijkheid en elkaar ontmoeten. Maar vooral laat het project een ander vorm van bouwen met hoog stedelijke dichtheid zien. Dat maakt het een uniek project.

Vanuit maatschappelijk oogpunt waarderen wij het project, omdat de woningen tussen de 2,5 ton en 2 miljoen kosten. Er werd een breed publiek bewoners aangetrokken dat resulteerde in grote verscheidenheid aan woningen. Vanuit Urban Sync geloven wij dat deze diversiteit elkaar aanvult en versterkt. Toch ligt dit vaak niet voor de hand in dit soort projecten.

Wat crisis je brengt

De ontwikkeling van het gebied is begonnen in een periode van economische crisis. Er waren twee architecten betrokken bij de realisatie van de ruim 300 woningen en bedrijfsruimten in het gebied. Er zijn niet tien losstaande torens neergezet in het gebied, maar is er een nieuw stukje stad gecreëerd. De torens bevatten sociale woningbouw, luxe lofts en een slaaphuis voor de familie van kinderen die in het naastgelegen ziekenhuis liggen. De diverse woon- en werktorens zijn in dezelfde stijl ontworpen; diverse tinten en structuren baksteen werden gecombineerd met overal dezelfde herkenbare zwarte raampartijen en loopbruggen. Dit zorgt voor een coherente wijk met één sfeer en eenheid op plintniveau, ondersteund door het landschapsontwerp. De bewoners delen voorzieningen, zoals de parkeergarage, fietsenstalling, straat, pleinen en afvalverwerking.

Wanneer er nu, in 2022, aan een soortgelijk project wordt gewerkt, verloopt dit vaak anders, doordat we in 2022 niet meer spreken van een economische crisis, maar van een woningcrisis. De vraag naar woningen is op het moment hoog, wat zorgt voor meer druk op het aanbod. Hierdoor kan de prijs van de woningen omhoog zonder dat de kwaliteit verbetert. Zo bestaat de kans dat bij een soortgelijk project dat nu wordt ontwikkeld met dit beeld voor ogen, maar zonder de achterliggende diversiteit aan woningen en inwoners. Of er wordt verplicht met tien architecten aan gewerkt en mist de wijk de samenhang.

De economische crisis zorgde ervoor dat de huidige bewoners vanaf het begin actief zijn betrokken bij het proces. Mogelijk denkt u; ‘Bewoners? Er was toch sprake van een nieuwe buurt?’ Dat klopt. Er is vooraf, tijdens de ontwerpfase, in gesprek gegaan met de toekomstige bewoners. De architecten namen de wensen van de toekomstige bewoners mee door de ontwerpen in een vroeg stadium beschikbaar te stellen met een 3D-model en VR-weergave. De bewoners konden, aan de hand daarvan, aangeven wat ze wel en niet goed vonden aan het ontwerp of aan de afmetingen van het appartement. Het resultaat is dat geen enkel appartement van binnen hetzelfde is. Ook van buiten is dit zichtbaar door de verscheidenheid aan balkons, want zelfs hier had men keuze. In dit geval heeft de crisis dus gezorgd voor meer maatwerk. De keuzevrijheid die deze bewoners kregen, is uniek en in deze tijd bijna niet meer denkbaar.

Bruggen nudging

Eén van de dingen, kenmerkend voor Little C, zijn de loopbruggen tussen de torens. Deze zijn ontworpen door kunstenaar Ruud-Jan Kokke. Hij tekende de hekwerken, loopbruggen en noodtrappen voor Little C. Niet alleen zijn ze een lust voor het oog, maar hebben ze ook nog een andere functie, namelijk nudging. Nudging is een vorm van gedragsbeïnvloeding, met als doel gewenst gedrag te stimuleren. Ook wel het ‘duwtje’ in de goede richting. Dit duwtje draagt bij aan het maken van de juiste keuzes op het gebied van gezondheid, geluk en welvaart. De loopbruggen nudgen mensen door hen te stimuleren om meer te bewegen. Daarnaast zorgt deze inpassing in het ontwerp er voor dat de torens onderling meer met elkaar in verbinding staan. Deze verbinding zorgt er mede voor dat bewoners meer en op een natuurlijke manier met elkaar in contact kunnen komen;
De parkeergarage komt uit op het maaiveld, vanaf waar je naar de gedeelde entree wandelt. Die entree hoeft niet jouw eigen woontoren te zijn; Slechts enkele torens hebben een stijgpunt. Je woning in een andere toren is dan via de brug te bereiken. Dit levert een nieuw contactmoment op met de straat en mogelijk met anderen uit de buurt.

Beleving van de huidige bewoners

Wij hadden graag binnengekeken in één van de gebouwen, om zelf te ervaren hoe de ruimtebeleving is. Sommige woningen hebben bijvoorbeeld op het eerste oog geen gunstige ligging betreft licht. Wij vroegen ons af hoe dit zich uit in de praktijk. Ook waren wij benieuwd hoe het door bewoners wordt ervaren, dat de torens soms zeer dicht op elkaar staan, op sommige plekken slechts 4,4 meter van elkaar. Er werd duidelijk gemaakt dat aan deze smalle donkere ruimten alleen slaapkamers gerealiseerd zijn, de woonvertrekken liggen aan bredere straten of pleinen en hebben zoveel mogelijk zicht op het open water. Eén van de architecten vertelde dat hij recent nog in gesprek was met bewoners om over deze beleving te praten. Zo vertelde twee thuiswerkers, met hun werkplek op 4,4 meter van elkaar, dat zij ‘s ochtends gewoon even naar elkaar zwaaiden. Zij waren zich ervan bewust dat de ander hen kon zien. Het zijn dingen waar je aan went en die vervolgens als normaal worden beschouwd, wat klinkt zoals er in een oude binnenstad met elkaar omgegaan wordt. Uit dit soort verhalen en ervaringen nemen we aan dat mensen hun weg vinden in het wonen in Little C. Klachten of grote nadelen werden niet benoemd. Ons bezoek was op een zonnige dag in het voorjaar, de klimplanten en groenperken stonden in volle bloei. Maar ’s winters kunnen de donkere bakstenen en de rauwe omgeving volgens onze collega aardig deprimerend voelen en op je afkomen.

De gelijkenissen

Hoe keken wij naar deze wijk? Zelf werkzaam in de gezonde gebiedsontwikkeling, en met een achtergrond in de architectuur (Esther) en ruimtelijke ordening (Linde). Voor een hoog stedelijke woonwijk, midden in de stad, is het absoluut een geslaagd project. De variatie van kleine en grotere pleinen, gecombineerd met een hoogwaardig landschapsontwerp, dragen zichtbaar bij aan de leefbaarheid en ruimte voor informeel ontmoeten, één van onze speerpunten voor gezond stedelijk leven. Op de daken zijn gedeelde privéterrassen die gezamenlijk worden onderhouden. Het stimuleren van beweging past bij een gezonde wijk en gezonde bewoners. De inspraak en keuzes van de mensen hebben geleid tot een diverse bouwmassa en betrokken bewoners die zorgdragen voor de leefomgeving. Of je op 40m2 woont of op 300m2, er heerst een soort gelijkwaardigheid binnen de wijk dankzij met name de openbare ruimte en de uniforme uitstraling van de gebouwen.

Conclusie

Het bouwen in een periode van crisis heeft dus ook voordelen. Zo is er meer tijd en aandacht besteed aan de toekomstige bewoners en telden hun stem mee in het ontwerp. Daarnaast zorgt crisis voor andere keuzes die er in het geval van Little C ertoe hebben geleid dat de wijk één geheel is geworden. De verbinding van de torens is geaccentueerd door het aanbrengen van loopbruggen. Die bijdragen aan beweging en het onderlinge contact tussen de bewoners.

Stimuleren van beweging en faciliteren van communtiy vorming. Zingeving, in de vorm van meetellen, de mening van de bewoners werd gebruikt om het ontwerp te verbeteren. Drie van de vier “softe” punten waar wij ons bij gebiedsontwikkeling mee bezighouden, worden hier geadresseerd. Waar de hardware steeds vaker wordt opgenomen in het standaard eisenpakket, vragen de softe kwaliteiten meer aandacht. Aandacht om ze vanaf het begin te faciliteren, maar ook om ze gaandeweg niet uit het oog te verliezen en je er hard voor te maken.